Oogappels, Gooische Vrouwen, Alles op Tafel… de lijst met prijswinnende titels die miljoenen Nederlanders aan de buis kluisterden, is schier eindeloos. Deze series hebben, naast hun enorme populariteit, één ding gemeen: de regie van Will Koopman. Will is zonder twijfel hét gezicht achter de meest succesvolle Nederlandse drama- en comedyseries van de afgelopen decennia. Omdat we bij ONS deze maand volop inzoomen op de lach met diverse klassieke comedyseries, vroegen we ons af: hoe regisseer je humor eigenlijk? Hoe zorg je dat een grap op papier ook echt ‘landt’ op het scherm? Volgens Will is het antwoord verrassend nuchter en tegelijkertijd ongrijpbaar: ‘Het gaat allemaal om gevoel.‘
‘Zonder goed script kun je niks’
We vallen gelijk met de deur in huis: waarom slaan series als Gooische Vrouwen en Oogappels zo erg aan? Will Koopman moet het antwoord schuldig blijven. ‘Ik zou het niet weten. Ik werk niet volgens regels, maar op mijn gevoel. Het begint sowieso met het hebben van geweldige acteurs en een goed script.’ Het enthousiasme in haar stem zwengelt aan als ze verder gaat: ‘Roos Ouwehand, Frank Houtappels, Lex Passchier… Als je geen goed script hebt, kan je niks. En als je ook acteurs hebt die van improviseren houden, dan kan je heel ver gaan.’ Het is volgens Will een dun lijntje waarop de gehele crew samen balanceert. ‘Je zoekt naar de balans van zo ver gaan dat het nog nèt geloofwaardig is. Maar die grens, dat is gevoel.’ Gevoel is duidelijk een terugkerend thema als het aankomt op Will en haar comedy, of eigenlijk filmwerk in het algemeen. ‘Als ik voel dat het goed zit, zit het goed.’
De close-up als vijand van de lach
Enkel en alleen fingerspitzengefühl is het echter niet, want voorafgaand aan het filmen heeft Will in haar hoofd alle scènes al uitgedacht en uitgewerkt. De zogeheten découpage. ‘Daarin bedenk ik de shots voor een scène en die bespreek ik dan van tevoren met de cameraman en de rest. Maar het komt ook weleens voor dat ik een scène niet voel of ongeloofwaardig vind, dan bedenken we iets anders.’ In andere woorden: de decoupage is de basis, gevoel blijft altijd leidend. ‘Ik kijk ook naar wat de acteurs aanbieden, dat is voor mij heel belangrijk. Als een acteur zegt: ‘Ja, maar ik voel helemaal niet dat ik daar moet staan’, dan gaan we dat ook niet doen. Want dat voel je dan ook in het beeld, dat het niet klopt. Dus dan geef ik de vrije hand aan de acteur. Het is een kwestie van samenwerken.’
Niet alleen de tekst en interactie tussen acteurs is belangrijk bij comedy, het camerawerk is een sleutelfactor in het overbrengen van een grap. Will vertelt hoe ze bewust altijd voor brede beelden kiest. ‘We gebruiken nooit een close-up, want dan zie je het lichaam niet. En lichaamstaal is essentieel voor humor’ Daarbij komt ook dat, als het kan, de scènes in één shot gefilmd worden. Will: ‘Dat kan niet altijd natuurlijk, want je moet wel een tegenshot doen, maar ik probeer het vaak wel.’
De grens van de lach
En wat nou als een uitgedachte grap in de praktijk totaal niet werkt? ‘Dan gaat ‘ie eruit, zo simpel is het.’ Voor de zoveelste keer benadrukt ze het ‘gevoel’ waarop Will vaart: ‘Een kijker moet niet denken ‘jemig, wat een aansteller’, maar juist ‘wat grappig’. Dus het is constant aanvoelen waar die grens ligt.’ Zoals ze he zelf zegt: ‘Ik regisseur als een kijker. Als ik zelf moet lachen, is het goed.’
Zodra Will een script onder haar neus krijgt, krijgen de scènes in haar hoofd vorm. Althans, als het een goed script is. ‘Als ik een script lees en niks kan bedenken, weet ik dat het script niet goed is. Heel erg eigenlijk, maar zo werkt het wel.’ In die zin is Will haar eigen graadmeter in het uitwerken van een script. ‘Het is heel subjectief, maar zo werk ik al 50 jaar en het werkt wel.’
Tussen aanstellerij en humor
In de zoektocht naar balans blijft geloofwaardigheid voor Will uiteindelijk het belangrijkste. Ze haalt Oogappels als voorbeeld aan: ‘Die serie is gewoon echt. Bijvoorbeeld als je de tafel afruimt, dan gaat een dialoog door, net zoals in het echte leven.’ Die ‘echtheid’ varieert wel per serie, geeft ze toe. ‘Bij Gooische Vrouwen is het juist een schepje er bovenop. Alles even aanzetten, dikker maken.’ Precies dat is waar comedy zich onderscheidt van een serieuze serie met grappige elementen: ‘Comedy is bigger than life.’
Humor is cultuur (en andersom)
Ondanks dat er wereldwijd de overkoepelende term comedy gebruikt wordt, is de ene comedyserie de andere niet. Want net als normen en waarden is ook humor heel cultuurgebonden. Will: ‘Ik denk wel dat de humor in Gooische Vrouwen en Oogappels — sowieso in de comedyseries die het goed doen in Nederland — heel erg Nederlands zijn qua humor.’ Dit gevoel is ook te zien in de cijfers, want in Duitsland sloeg Gooische Vrouwen bijvoorbeeld totaal niet aan. ‘Onze humor is gewoon heel lastig te vertalen naar een land als België of Duitsland. Alleen de Engelsen zijn er heel goed in, die kunnen hun humor goed overbrengen naar het buitenland. Maar onze humor is gewoon te anders.’
‘Je moet je publiek nooit onderschatten’
Bij ONS op de zender is het vooral een kwestie van de comedy’s van vroeger, waarin het tempo waarop de beelden en grappen elkaar afwisselen een stuk lager ligt. Dat is in de producties van nu wel anders, want ritme en tempo maken de dienst uit. Een ontwikkeling waar Will alleen maar blij mee is: ‘Dat ritme is heel fijn, anders is het zo sloom.’ Ze voegt toe: ‘Je moet ook je publiek niet onderschatten door dingen keer op keer te herhalen of uit te leggen, dat is niet nodig. Je moet je publiek serieus nemen.’ En ook hier geldt weer dat gevoel het ritme bepaalt. Will: ‘Bij elke serie ga je weer kijken welk tempo er nodig is.’ Na een korte stilte voegt ze toe: ‘En daarnaast moet je ook nieuwe dingen proberen, jezelf opnieuw blijven uitvinden, anders wordt het ook zo saai.’
Of dat ook de reden is dat ze in zee is gegaan met het nieuwe seizoen van Gooische Vrouwen? ‘Nee, dat wilde ik gewoon sowieso nog een keer doen. Ik wist dat daar een publiek voor was en in the end hebben we er zelfs een nieuw publiek bijgekregen.’ Ze beschrijft de jongeren die met grote interesse de serie volgen en ook oudere seizoenen massaal aan het terugkijken zijn. ‘Mensen hebben soms ook gewoon behoefte aan een lach, zeker in deze tijden.’ Will Koopman is dus nog lang niet klaar met regisseren.
Ook behoefte aan die lach? Dat begrijpen we bij ONS als geen ander. Juist daarom brengen we deze maand de beste comedy-klassiekers terug op je scherm. Of je nu wilt genieten van de vlijmscherpe Britse humor in To the Manor Born of de hartverwarmende momenten in onze andere series; er valt genoeg te lachen. Bekijk onze programmering en ontdek hoe de ‘wetten van de lach’ ook in deze tijdloze klassiekers nog altijd feilloos werken.